Spirituele verhalen voor de nieuwe wereld – Deel 12 – Silveera’s hart

Spirituele verhalen voor de nieuwe wereld

Deel 12 – Silveera’s hart (pdf format)

Door Regiena Heringa – geplaatst – 9 December 2022

De dame, groot en trots, stond perfect in evenwicht aan de rand van het stille water. Gekleed in wit en blauw, het gouden haar langs haar middel, ademde ze heel lichtjes. De zucht van een nieuw briesje deed een vochtig spinnenweb trillen, maar alles bleef zo stil als een kaarsvlam in een lege kamer. Weldra zou de maan weer opkomen om de wereld om haar heen wit te wassen. “Ach,” dacht ze van harte, “was hij maar niet zo snel vertrokken.” Maar Nomar was niet meer te zien of te voelen. Toen de ruimte naast de dame groot en donker werd, keerde zij zich abrupt van de vochtige oever af om naar huis terug te keren.

Silveera en Nomar hadden vele jaren samen geleefd in vreugdevol gezelschap. Ze hadden dromen en zoete taarten gedeeld, creaties en ideeën. Er waren uitstapjes geweest naar de bergen en de weilanden en zelfs schuchtere bezoeken aan het heilige bos van Mareithia. Hun relatie was comfortabel genesteld tussen wijsheid en vrijheid, waarbij de een de ander de tijd gunde voor persoonlijke bezinning.

Zachtjes gleed Silveera terug naar de grootste kamer van hun woning. Terwijl ze om zich heen keek, straalde er een comfortabele vrede uit de muren. “Het is een fijne plek,” mompelde ze en ging zitten voor een grote varen die rijkelijk groeide in de schaduw van een ovaal raam.

Nomar was eerder dan gewoonlijk vertrokken, met een ongeduldige pas. De laatste tijd was er een droog moment tussen hen gekomen, een beetje zoals het eerste blad van de herfst dat voortijdig valt. Het onvermogen om een oorzaak te vinden voor het ongemak irriteerde Silveera. Ze stond op en ging weer zitten. “Het is een fijne plek,” herhaalde ze bij zichzelf, terwijl ze wist dat er iets niet klopte.

Enkele jaren geleden, toen Nomar nog een jongen was, had hij een heel vreemd visioen gehad. Liggend tegen een platte rots, verwarmd door een dag zon, had hij zijn ogen half gesloten en zijn geest laten afdwalen naar de wolken boven de aarde. Plotseling vlogen er wonderlijke beelden op hem af, kleuren en vormen, gezichten en ruimtevaartuigen, vogels en kastelen, die allemaal vrolijk draaiend en spiraalsgewijs op hem afkwamen en hem extatisch en duizelig maakten. En uit het midden van dit heerlijke feest van beelden straalde een geweldig licht. Toen, net toen hij zijn blik verplaatste om het licht te absorberen, verdween het van hem. Alles hield op, elk beeld, elke vorm en kleur.

Nomar had zijn ogen geopend, duwde zich krachtig van de rots af en fluisterde verwoed: “Waar is mijn licht?” Er kwam geen antwoord en geen zicht meer. Alles was weer als voorheen geworden, maar Nomar niet. Dit schitterende licht had hem gebiologeerd en de drang om het terug te vinden was met de dag sterker geworden.

Silveera wist niet wat Nomar had meegemaakt, want in plaats van dit avontuur en zijn toenemende aantrekkingskracht te delen, begon hij zich van haar terug te trekken. En zo kwam het dat na verloop van tijd hun vriendschap opdroogde. Nomar bracht meer tijd alleen door en Silveera bracht meer tijd door met verdriet.

En nu gingen haar vriend en haar liefde weg, met zijn ongeduldige stap ergens op een mysterieus pad. Vlak voor hij Silveera verliet, had hij stilletjes met verscheurde ogen gezegd: “Ik hou van je, maar ik moet iets heel groots vinden.” Hij verwachtte geen antwoord, want dat kon hij ook niet krijgen, en onhandig en snel verwijderde hij zich van Silveera.

Drie dagen lang liep de lange dame in blauw en wit naar de kustlijn en keerde zonder troost naar huis terug. De nachten voelden verkreukeld en nerveus aan, want Silveera sliep slecht en wist meer en meer dat hij steeds langer wegbleef.

In de vroege ochtend van de zevende dag ontwaakte Silveera met een ongewoon fris hart. Terwijl zij verwachtingsvol overeind ging zitten, vulde de kamer zich met de lentegeur van violette bloesems en begon een oceaanblauw licht te schemeren aan het voeteneind van haar bed. Uit dit licht kwam het gezoem van stemmen die zo heerlijk zoet waren dat Silveera’s lichtgroene ogen vol tranen stonden. De zachte liefde, het delicate licht, het melodieuze geluid en het zoete wonderlijke parfum overweldigden haar zo dat ze in tranen uitbarstte. “Ik ben zo alleen,” snikte ze keer op keer.

“Waarom heeft Nomar mij verlaten?” Hoe meer ze huilde, hoe groter de uitstraling van licht, muziek en geur werd. Ze draaide haar hoofd naar de muur, haar ogen opgezwollen en haar mond afgewend. En daar op de muur, voor haar verschenen woorden van goud bestrooid met smaragdgroen stof. Ze verstijfde van verbazing en hikte haar tranen weg. Met steeds grotere ogen las Silveera: “Liefde is breder en dieper dan de geest. Laat liefde van je gaan en het zal honderd harten vullen. Laat het bij je terugkomen en het zal er duizend meer vullen.”

Het licht van de dageraad scheen die ochtend met bijzondere pracht, maar niet zo majestueus als het licht dat uit Silveera’s ogen scheen. De ruimte om haar heen en in haar was gevuld met geduld en begrip.

Vol vreugde stapte Silveera uit haar bed, borstelde haar haren en gaf de varen water. Ze wist dat Nomar spoedig thuis zou komen en ze had net genoeg tijd om een feest van hernieuwde vriendschap voor te bereiden.

Regiena

Regiena Heringa
www.nextagemission.com

© The Nextage Mission (NAM) Alle rechten voorbehouden

Alle muziek, poëzie en geschreven materiaal zijn Copyrights © van NAM

Reproductie in zijn geheel of gedeeltelijk van de pagina’s van deze website is uitgegeven als vrije wil leren en delen materiaal en is dus toegestaan.

Vertaling: wakkeremensen.org