Jeshua: 2016: Het Jaar van Het Licht / Februari 2016 / Judith Coates

Jeshua:
2016: Het Jaar van Het Licht

Februari 2016 / Judith Coates

Geliefde, een lange, lange tijd geleden in een land, ver, ver weg, besloot je dat je iets ging doen. Jij, als de ene Geest die altijd creërend en ervarend voorwaarts gaat, wilde weten, “Hoe zou het voelen om te creëren? Hoe zou het voelen om creatie te ervaren? Hoe zou het voelen om de creaties te ervaren?”

Dus bracht je voort lelies, narcissen, madeliefjes, rozen, maanstralen, alle dingen van schoonheid, en je wist van jezelf in een tuin te zijn, een prachtige tuin. Je keek rond en vroeg je af, “Wat anders kan ik creëren? Kan ik iemand hebben die dit met mij zal delen?” En dat deed je. Je creëerde iemand zoals jezelf om van de schoonheid te genieten die jij gecreëerd had en dat je bleef creëren – de zonsopkomsten, de zonsondergangen, alles van de natuur, alles dat jij beschouwde wonderschoon te zijn, en jullie waren gelukkig.

Je wist van jezelf de schepper te zijn van wat je ervoer, wat je zag, en je wist dat de ander hetzelfde voelde als jij deed. Er was een rapport, zo je wilt, een gelijkheid van de ene Geest die naar voren komt om te ervaren.

Dan kwam daar weer de gedachte, “Wat anders kan ik creëren?” Dus creëerde je de bepaalde levensvormen die planten zouden eten. Je ervoer het zijn in de creatie dat je aan het maken was, en er kwam een bepaald vergeten dat jij degene was die creëerde, dat jij degene was die de hoogste bomen en de dieren welke de bomen zouden beklimmen creëerde. Je creëerde alle vormen, alle variaties van vormen. Toen had je een andere gedachte, “In de competitie, kan ik iets creëren dat sterker is dan wat mijn vrienden – tegen deze tijd had je andere vrienden gecreëerd – creëren, iets sterkers, krachtigers dat sneller kan lopen, hoger kan klimmen, verder kan zien, sneller kan zwemmen? Kan ik naar een plaats van de competitie komen waar mijn object de anderen kan overwinnen?”

Het was nog steeds een spel. Het was nog steeds de ene Geest spelend binnenin de ene Geest, en wetend dat het allemaal van dezelfde goddelijkheid was, dezelfde energie. Maar terwijl steeds meer van je aandacht gefascineerd raakte door de creaties, was er een vergeten dat je de Ene was die creëerde. Daar was een vergeten dat er werkelijk slechts één Geest is – hoofdletter “G”.

Soms kennen jullie de ene Geest, zelfs nu. Er zijn tijden wanneer jullie je op elkaar afstemmen, en jullie kunnen vertellen wat de ander voelt, denkt of beraamt. Je hebt een gevoel, en je vraagt je soms af, “Waar kwam dat gevoel vandaan? Waar kwam die gedachte vandaan?” je mag aan iemand denken, en dan klinkt je technologie op en zeg je, “Oh, zij zijn aan de telefoon en bellen me op.” Je wist, voordat je de telefoon oppakte, wie het ging zijn, omdat je nog steeds binnenin de ene Geest leeft.

Jullie focussen je er niet op, maar het is er nog steeds. Het is nog steeds een intuïtieve kracht die jullie niet verloren zijn. Jullie weten hoe de partner zich voelt. Ze hoeft geen woord gezegd te hebben. Hij mag gewoon gevoelens hebben, en jij stemt je op hem/haar af. Je weet wanneer je vrienden een goede dag hebben, en je weet wanneer zij mogen proberen om een goede dag te hebben. Je kunt het voelen, omdat je nog steeds in de ene Geest bent, zelfs als jij je er niet op focust of aandacht aan besteedt.

Dan als het gevoel van afscheiding groeit – “Ik ben afgescheiden van jou/jullie, mijn creaties zijn afgescheiden van jou/jullie creaties, mijn creaties zijn beter dan die van jou/jullie,” enzovoorts – was er een gevoel van verwijdering en een gevoel van competitie. Je hebt voor een lange, lange tijd met dat gevoel geleefd, zo lang dat je bijna, maar niet helemaal, vergeten bent dat je jouw werkelijkheid – kleine letter “w” – creëert, dat jij jouw ervaringen creëert, en je ook jouw reacties op jouw creaties creëert.

Je hebt het “weten” van afscheiding nu naar een bepaalde graad, behoorlijk ver weg, gebracht, zodat jij je nu afgescheiden voelt van de stoel waar je op zit, afgescheiden van de verblijfplaats waar je in bent, afgescheiden van elkaar. Je hebt bepaalde persoonlijke karakteristieken. Je vrienden hebben andere persoonlijke karakteristieken. Een ieder zou zeggen, “Ik ben uniek. Ik ben speciaal,” en dat zijn jullie, maar daar is altijd de ene Geest welke jullie samenvoegt, en dat werd vergeten.

Dat is waar dit jaar over gaat. Er gaat meer Licht naar voren komen in dit jaar. Het Licht gaat de plaatsen van duisternis verlichten. Dat is waarom jullie zoveel teruggespiegeld zien worden naar jullie toe door jullie nieuwsmedia. Zij brengen jullie een beeld van wat er schijnbaar aan het gebeuren is, en het ziet er zeer donker uit. Dat is omdat er meer Licht op schijnt.

De wereldgebeurtenissen schijnen steeds donkerder te worden met meer perioden van lijden. In waarheid, zijn deze perioden van lijden daar een lange tijd geweest, maar nu schijnt het Licht een beetje sterker, en laat het de donkere plaatsen in meer duidelijkheid zien.

Het Licht dat jullie Zijn is sterker aan het worden, iedere keer dat jullie een gedachte hebben die zegt, “Ik Ben het Licht,” iedere keer dat jullie een gedachte hebben die zegt, “Ik geloof, ik geloof dat het Licht sterker aan het worden is,” zelfs als je het opvolgt met dat zeer beroemde gezegde, “Help Uw mijn ongeloof.” Met andere woorden, “Ik geloof, ik wil geloven, ik geloof welzeker, maar soms ben ik een klein beetje hulp nodig om echt te geloven.” Dat is oké, omdat jij je focust op het Licht, en het Licht gaat naar buiten en laat de gebieden van duisternis tevoorschijn komen.

Terwijl voorheen, er niet zoveel Licht was, en alles meer grijs scheen te zijn, nu hebben jullie uitgesproken Licht en uitgesproken duister, en dat is waarom ik zo optimistisch spreek over dit jaar, omdat jullie werkelijk een verandering maken. Jullie zijn individueel naar een bepaald punt gekomen van te willen veranderen, van te weten dat jullie de verandering kunnen maken, en collectief is dat op een brede schaal ook aan het gebeuren.

Men heeft genoeg geleden. Men is op de plaats waar zij willen zijn om verlost van het lijden te zijn. Zoals wij in andere tijden gezegd hebben, zijn degenen die doorheen lijden gegaan schijnen te zijn, degenen die zich vrijwillig aangemeld hebben om dat script te spelen, zodat er een focus kan zijn op wat er zogenaamd aan het gebeuren is en wat er veranderd kan worden. Zij hebben zich vrijwillig aangemeld om deel uit te maken van de groepen die zogenaamd lijden.

Schenk aandacht aan dat woord, zogenaamd, omdat in waarheid, dat is hoe jullie de informatie ontvangen dat zij lijden. Maar lijden zij werkelijk? Niet echt. Zij spelen een rol waarvoor zij zich vrijwillig aangemeld hebben om te spelen, en zij doen heel goed werk, zodat jullie het verschil kunnen zien tussen Licht en duister, en het Licht is aan het groeien.

Welnu, wanneer wij gesproken hebben over afscheiding en over de focus op wat het ook maar is dat je creëert, aangaande je creaties, heb je gekozen in een bepaalde groep te zijn van degenen die veel van verdeeldheid, veel van afscheiding zien. Waarom? Omdat je het wilde weten – en er is hier geen oordeel in, dus hoor dit goed – je wilde het weten, “Hoe voelt het aan om in een ervaring ongelijk aan Liefde te zijn?” Omdat je weet, dat aan de basis van jou, het waarachtige basiselement, het ware fundamentele, piepkleine stukje zoals jij jezelf zou kunnen zien, dat je Liefde bent. Dit is je essentie. Je wilt liefhebben. Je wilt geliefd zijn. Je weet dat werkelijk alles is dat er is, Liefde is.

Maar je hebt gezegd, “Gedurende een poosje, wil ik uitproberen hoe het aanvoelt om daarbuiten te zijn.” Dus jij en enigen van de anderen, zoals je andere aspecten van jezelf genoemd hebt, hebben gezegd, “Wij zullen op een planeet ver, ver daarbuiten in de ruimte spelen, een oorlogzuchtige planeet waar men in competitie met elkaar is, waar men vergeten is hoe lief te hebben.” En toen kwamen degenen langs zoals jij en zeiden, “Hé, dat zijn de regels niet. Ik ken andere regels. Ik ga deze regels niet opvolgen.”

En je begon alles te veranderen. Toen vroegen diegenen, die schijnbaar je speelmaatjes waren, zich af, “Wat is er gaande? Wat is er veranderd? Waarom is het veranderd? Op welke pagina zijn we?” Met andere woorden, in het script, welke pagina? Omdat je dingen aan het veranderen bent, heb je gezegd, “Oké, ik heb hier genoeg van. Ik heb me lang genoeg ongeliefd gevoeld. Ik heb me afgescheiden gevoeld van mijn gehele wezen. Ik heb dat lang genoeg gevoeld. Ik wil Liefde kennen. Ik wil Liefde voelen. Ik wil Liefde geven. Ik wil in een oceaan van Liefde leven,” en dat ga je.

In dit jaar ruimen jullie heel veel van het duister op. Waarom? Omdat het jullie tot hier zit, boven het hoofd, met je ongeliefd te voelen. Jullie hebben het gehad. Sommigen van jullie hebben het gehad in de eerste paar jaren van jullie leven, dat het voor altijd, voor eonen, genoeg is en jullie hebben gezegd,”Oké, oké, het is gedaan; ik ga nu in Liefde leven. Ik verander de regels,” en dat doen jullie; jullie stappen uit de liefdeloze werkelijkheid vandaan.

Soms ben je een klein beetje aarzelend, en zeg je tegen jezelf, “Wel, ik wil een klein beetje verandering hebben, misschien een kleine verandering. Oké, ik zal het doen.” En het werkte. Het was oké. “Ik ging naar die persoon toe, en ik zei tegen hem, “Hé, ik ben echt verheugd om jou te zien,’ en je denkt binnenin, “Ik hoop dat het oké is om dat te zeggen, omdat ik echt in Liefde wil leven, en ik wil niet dat iets dat ongelijk is aan Liefde is naar me terugkomt. Maar ik wil het proberen. Kan ik het echt proberen? Ja, ik kan het proberen.” Dus, pak jij jezelf bij elkaar, en zeg je, “Ik ben blij dat je hier bent. Ik heb je gemist. Ik heb het gemist om jou in mijn leven te hebben. Ik wil echt weer spelen zoals wij gewend waren om te spelen.”

Op dat punt, wat denk je dat het Licht doet? Het gaat aan, ja. Het breidt uit, en het wordt helderder. Als er wat voor stukje duisternis dan ook nog is, zal het tevoorschijn komen, en dan zal het verdwijnen. Jullie hebben een gezegde in jullie wereld dat zeer, zeer waar is, en het is een zeer goed gezegde om je te herinneren, dat de duisternis het Licht van een enkele kaars niet kan doven.

Een kaarsvlam zal altijd licht zijn. Je zet het in een donkere kamer neer; de duisternis kan dat licht niet doven. Dat is Wie en Wat je bent. Jij bent de kaars. Herinner je jouw Licht. Laat het schijnen. Glimlach. Weet dat waarlijk jij de moed hebt om naar voren te komen en in dat Licht te leven.

Jullie hebben vanuit grote moed gekozen om op een planeet ver, ver weg te leven; ver, ver weg, zogenaamd, van Liefde, om jullie Licht ernaar toe te brengen, om in de duisternis te spelen en dan om het Licht van de kaars te zijn, om in Liefde te schijnen, en om anderen te vinden die ook dat Licht willen voelen. En wat gebeurt er wanneer je bij elkaar komt met anderen die dat Licht hebben, en zij met het Licht willen spelen.Wat gebeurt er? Het vergroot zichzelf.

Dit jaar gaat een wonderbaarlijk jaar voor jullie zijn. Jullie gaan steeds meer Licht vinden, en dat gaat steeds meer duisternis tevoorschijn laten komen. Ik vertel jullie dat vooraf, omdat wanneer jullie de duisternis zien, raak dan niet in een, “Oh, mijn hemel,” plaats. Je hoeft niet in die plaats te zijn.

Weet dat je werkelijk de vlam van de kaars bent. Jij bent het flitslicht dat jouw Licht naar alles straalt dat zogenaamd duister mag zijn. Het is echt niet duister. Het mist slechts diens Licht. Dus je komt langs en je schijnt jouw Licht. Je doet dat op de markt, en mensen vinden waar zij naar op zoek zijn. Zij zoeken naar Liefde, naar acceptatie.

Ga voort in dit jaar. Laat jullie Licht schijnen.

Zo zij het.

– Jeshua ben Joseph (Jezus)
in expressie via Judith

Vertaling: Cobie de Haan – http://www.denkmetjehart.blogspot.nl/
http://www.oakbridge.org/articles.php